1 juli 2019 | Writer: Leonie
veelvoorkomende engelse fouten

Veelvoorkomende Engelse fouten

Ben jij al een poos bezig met de Engelse taal? Soms zit je zó diep in een proces, dat je jezelf niet (meer) bewust bent van je eigen fouten. Dat geldt zeker voor het leren van een andere taal.

Misschien heb je jezelf in het leerproces sommige fouten gewoon aangewend. Je hebt dan niet meer door dat het misgaat en kijkt er voorbij, op zoek naar andere aspecten van het Engels die je kunt verbeteren.

In deze gevallen helpt het om eens onder ogen te komen wat veelvoorkomende Engelse fouten zijn. Misschien maak je je namelijk – zonder het te weten – schuldig aan één van onderstaande misstappen. Maar don’t worry: we leggen je ook uit waarom het fout is, en het belangrijkste: hoe het wel moet.

Veelvoorkomende Engelse fouten

✖ I like dance.

Een werkwoord na het werkwoord like moet aan één van de volgende eisen voldoen:
(1) Het wordt voorafgegaan door to of (2) Het is een werkwoord dat gebruikt wordt als zelfstandig naamwoord. Je herkent de woorden van de laatste eis doordat ze eindigen op -ing. In het Engels wordt dit ook wel de gerund genoemd.

✔ I like to dance. / I like dancing.

✖ Peter have to send the notes.

De vervoegingen van het werkwoord have zijn erg simpel. Je gebruikt altijd have, behalve bij de derde persoon enkelvoud (he, she of it). Toch gaat het nog regelmatig mis en wordt have ten onrechte gebruikt bij he, she of it.

✔ Peter has to send the notes.

✖ I must to learn English.

Het werkwoord must wordt niet gevolgd door to, in tegenstelling tot werkwoorden als bijvoorbeeld have of want die wél altijd gevolgd worden door to. Dit principe gaat rechtstreeks in tegen wat ‘logisch’ lijkt en gaat daarom regelmatig mis.

✔ I must learn English.

✖ Does she drinks coffee?

Inderdaad, het is: I drink, you drink, she drinks. Maar ook: I do, you do, she does. Bij een vraag met het werkwoord do, waarbij er meerdere werkwoorden in een zin staan, wordt alleen do vervoegd. Het andere werkwoord, in dit geval drink, blijft hier gewoon het hele werkwoord.

✔ Does she drink coffee?

✖ They speak English very good.

Oei, deze fout wordt erg vaak gemaakt! Maar: good is een bijvoeglijk naamwoord. Dat is een woord dat iets zegt over een zelfstandig naamwoord. Je zegt bijvoorbeeld: a good life of a good cup of tea. Maar in deze zin zegt good iets over speak, over een werkwoord dus. Een woord dat iets zegt over een werkwoord noemen we een bijwoord. En een bijwoord vervoegen we! Als je meer over bijwoorden wilt lezen, is dit artikel erg interessant. Het juiste bijwoord van good is well. De juiste versie van deze zin is dus:

✔ They speak English very well.

Reacties (2)

  1. Hi Anneke, weer erg nuttige info! Thanks!
    Wij, mijn collega en ik, vragen ons af dat wanneer je jou laatste voorbeeld omdraait, hij wel correct is.
    Namelijk, ‘They speak very good English.

    • Hi Bjørn, goede vraag! Daar hebben jullie helemaal gelijk in. In de zin ‘They speak very good English’, is ‘good’ namelijk een bijvoeglijk naamwoord dat iets zegt over het zelfstandig naamwoord ‘English’. Daarom is die zin wel grammaticaal correct!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *